Veenmollen

Beheersing van veenmollen

Op deze pagina vindt u achtergrondinformatie over veenmollen, plaagherkenning: hoe herkent u of uw gewassen last hebben van veenmollen, op welke wijze veenmollen kunnen worden beheerst en wanneer het de beste tijd hiervoor is.

Voor meer informatie over veldcontrole, determinatie, maatwerk, prijzen of bestellingen kunt u uiteraard contact met ons opnemen via het contactformulier of telefonisch (contactgegevens).

Informatie over veenmollen

Veenmollen (Gryllotalpa gryllotalpa) zijn graafinsecten met sterk ontwikkelde voorpoten.  Veenmollen kunnen vrij groot worden, ongeveer 5 cm.  Veenmollen leven van larven, zoals aardrupsen en emelten en van andere bodeminsecten. Dit menu wordt aangevuld met plantaardig materiaal.
De kleur van de veenmollen varieert van bruin, roodbruin en geelachtig. De veenmollen gebruiken hun voorpoten als graafwerktuig om gangen te maken vlak onder het grondoppervlak. De gangen worden meerdere malen gebruikt. Tijdens het graven van de gangen worden wortels van allerlei gewassen afgebeten, met alle schade van dien. Veenmollen kunnen goed vliegen. Dit gebeurt meestal op warme avonden. Veenmollen komen voor in vochtige weilanden, veengrond en percelen en tuinen die grenzen aan sloten.  Overigens: veenmollen zijn eveneens goede zwemmers.

Veenmol Gryllotalpa gryllotalpa

   
Veenmol    
Veenmollen (Gryllotalpa gryllotalpa)
VeenmolVolwassen veenmollen beginnen actief te worden vanaf eind april. In mei zijn ze het meest actief. Daarna zijn ze er nog wel, maar minder massaal aanwezig. Mensen met veenmollen in de tuin kunnen ze ook duidelijk horen in de maanden mei en juni als de mannetjes vanuit hun holletjes een “baltszang”  uitvoeren om de vrouwtjes te lokken. Paring vindt eveneens plaats op dezelfde plek waar het mannetje zijn “concert”  heeft gegeven.  Het nest wordt door het vrouwtje gebouwd. Afhankelijk van de vochtigheid in de grond kan een nest soms 35 cm diep liggen. De eitjes worden in groepen gelegd. Het aantal eitjes in een nesthol varieert van 100 tot soms 300 eitjes. De eitjes zitten aan elkaar in het nesthol dat de omvang heeft van een grote kippenei. De grond rondom de eitjes wordt goed dicht gemaakt om deze te beschermen tegen allerlei roofdieren. Om het nest heen maken ze eveneens gangen alsmede afwateringsgangen. Wanneer het warm wordt brengen ze de nestjes naar boven tot vlak onder de oppervlakte om met behulp van de zonnestralen de eitjes te laten uitbroeden.  Daalt de temperatuur, dan laten ze hun nesten weer dieper in de grond zakken. Om de eitjes eerder te laten opwarmen door de zon knagen ze alle planten boven het nest weg. Hierdoor ontstaat ook schade.
Gemiddeld worden de jongen veenmollen na 14 dagen geboren. In koudere omstandigheden kan het wel meer dan 1 maand duren voordat de veenmollen worden geboren. In die periode zijn de vrouwtjes druk bezig met het verzorgen van de nymfen. De jonge veenmollen verlaten het nest als ze circa 3 weken oud zijn. De ontwikkeling tot een volwassen veenmol duurt minstens 2 jaar.  Een veenmol kan bijna 3 jaar leven.
Een nest van een veenmol is makkelijk op te sporen omdat de beplanting erboven vaak verdroogd of dood is

 

Plaagherkenning

Veenmollen in de tuin kun men duidelijk horen in de maanden mei en juni als de mannetjes vanuit hun holletjes een “baltszang”  uitvoeren om de vrouwtjes te lokken.
De veenmollen maken vlak onder het grondoppervlak gangen. Tijdens het graven van de gangen worden wortels van allerlei gewassen afgebeten, met alle schade van dien.
Het nest wordt door het vrouwtje gebouwd. Afhankelijk van de vochtigheid in de grond kan een nest soms 35 cm diep liggen. Ze knagen alle planten boven het nest weg. Hierdoor ontstaat ook schade.

 

Beheersing

Beheersing van de populatie behoeft alleen als u te maken hebt met veel veenmollen. Dit kan door een eigen natuurlijke vijand uit te zetten.
De insectparasitaire nematode Steinernema carpocapse is een nematode die effectief het aantal veenmollen en overigens ook aardrupsen reduceert. Het is geen bestrijdingsmiddel, maar enkel een correctie op de bodembiologie.
Op het moment dat deze nematoden worden uitgezet zoeken zij een plek op in de gangen van de veenmollen en blijven wachten totdat de veenmollen voorbij komen. Dan blijven ze aan de veenmollen haken, dringen de veenmollen in en scheiden een bacterie af die dodelijk is voor de veenmollen.
In de dode veenmol ontstaat een nieuwe generatie nematoden die op zoek gaan naar nieuwe veenmollen om ze te infecteren. Insectparasitaire nematoden kunnen niet lang buiten een “gastheer” overleven. Zijn er geen prooien meer, dan sterven de nematoden. Insectparasitaire nematoden komen van origine voor in onze bodem en zijn daarom ook opgenomen in de Flora- en Faunawet als beschermde bodembewoners. Deze aaltjes zijn ongevaarlijk voor mens, dier, milieu en nuttige insecten.

 

De beste tijd om nematoden tegen veenmollen uit te zetten

De beste tijd om nematoden tegen veenmollen uit te zetten is vanaf eind april tot eind juni.